Kijk uit voor de serieredder

ja, ook jij lijkt op dexter

Misschien ken je de serie nog: over de man die overdag bij de politie werkt en ’s nachts mensen vermoordt omdat hij vindt dat ze een ander onrecht hebben aangedaan.

Natuurlijk: ik heb het over Dexter!

Een serie waar ik gefascineerd naar kon kijken. Vanwege zijn gespleten persoonlijkheid en de manier waarop de hoofdpersoon zich probeert aan te passen aan zijn omgeving waarin hij zich niet echt thuisvoelt en zijn drang om te moorden niet kan stoppen.

Inderdaad: Dexter is een seriemoordenaar.

Hij kan zich niet inhouden en zich niet bedwingen. Hij is verslaafd aan het vermoorden van mensen.

Nu ben jij natuurlijk geen seriemoordenaar. Hoewel ik dat natuurlijk ook weer niet helemaal 100% zeker weet. Maar het kan best zijn dat jij een andere drang hebt. Zeker als jij anderen graag helpt (en wie doet dat nu niet?), of misschien wel professioneel mensen begeleidt, opleidt of jezelf misschien wel coach noemt of als je in een of ander dienstverlenend beroep zit. Als dat zo is, zou jij wel eens dezelfde valkuil of neigingen als Dexter kunnen hebben. 

Waar ik het over heb? De seriehelper. De beroepsredder. Die persoon die er een kick van krijgt andere mensen te helpen én daar stiekem aan verslaafd is.

En ja, het is mooi hoor: dat je anderen helpt en dat zo goed mogelijk wilt doen. Prachtig zelfs. Maar er is een dunne lijn tussen gezond en ongezond helpen. De valkuil zit ‘m in de intentie van waaruit jij helpt. De beroepsredder doet dat niet zozeer vanuit het motief de ander te willen helpen maar vanuit een diepere emotionele behoefte van hemzelf. En dat helpen kan afglijden naar helpen vanuit verslaving omdat je daar je identiteit aan op kunt hangen. Je denkt dat je iets goeds doet maar is het de vraag of je dat nu doet voor de ander of voor jezelf.  

Manfred Kets de Vries wijdt er in zijn (voor coaches geweldige!) boek Kets de Vries over mindfulness ‘Hoe je evenwichtig leiderschap kunt stimuleren’ een heel hoofdstuk aan. Hij noemt het de beroepsredder die ik voor het gemak de serieredder heb genoemd, omdat je een serieredder niet alleen in professionele omgevingen tegenkomt maar ook privé tegen het lijf kunt lopen. Je kent ze vast wel: die mensen die niet kunnen stoppen met helpen.

Op het eerste gezicht lijkt het allemaal heel nobel en mooi; de serieredder is erg gevoelig voor een hulpvraag. Ze staan voor iedereen klaar. Kom maar, zeggen ze, ik help je graag. Ze groeien door te helpen. Ze ontfermen zich over de ander als een echte redder. En soms is er sprake van een opofferingsbereidheid waar je je vraagtekens bij kunt plaatsen. Want wat heeft degene die geholpen wordt nu echt aan al deze hulp?

Kets de Vries schrijft terecht dat écht helpen een gezamenlijke inspanning is die nooit eenrichtingsverkeer kan zijn. Want als jij als redder de controle overneemt, hoe kan een ander dan ooit leren hoe het is om zichzelf te redden? Uiteindelijk is het de bedoeling dat jij niet meer nodig bent, toch? Je ziet het bij de overbeschermende ouders of de guru’s die zichzelf opwerpen als redder (‘doe precies wat ik zeg en je zult gelukkig worden’; dit levert vaak tenenkrommende momenten op als je bij een event bent waar de guru in de rol van serieredder zichzelf optimaal laat schitteren). Redden geeft je status en identiteit. 

Want wie ben je als niemand jou meer nodig heeft?

Een serieredder raakt in de war als een ander zijn hulp niet meer nodig heeft. Zo hopt de seriehelper van de een naar de ander, verslaafd als hij is aan de kick van het helpen. Nu zijn veel mensen gevoelig voor de behoeften van anderen. Het voelt als een fijne beloning wanneer de ander blij met je is en dankbaar dat je hem of haar hebt geholpen. Maar wat de seriehelpers vergeten is dat ‘het doel van helpen is dat de ander de kans krijgt te ontdekken wat hij het beste kan doen’. Precies dat is het verschil tussen de guru en de gids, de serieredder en de constructieve helper.

Het voert te ver om hier nu uit de doeken te doen waar het redderssyndroom vandaan komt. Het kan zijn dat in het gezin van herkomst de ouders afwezig waren en jij als kind al jong de ouderrol op je nam. Je onderdrukt als het ware je eigen behoeften om de ander te helpen. Als volwassene kun je dan gevoelig zijn voor de rol van de serieredder en dat kan doorslaan naar het redderssyndroom dat zich op allerlei manieren uit en dat zelfs tot een soort van reddersburn-out kan leiden.

Wat belangrijk is: ken altijd je grenzen en stel die ook. Iedereen die met mensen werkt, ze op de een of andere manier begeleidt, dient altijd zijn of haar grenzen te kennen. Het is prima gevoelig te zijn voor de verlangens en behoeften van anderen – we zijn tenslotte sociale wezens – maar dat mag nóóit ten koste gaan van jouzelf. Een echte helper laat zich niet gebruiken als bodemloze put voor de problemen van anderen. Een echte helper bakent af, kent z’n grenzen en weet wanneer het tijd is om te stoppen en ook op te stappen. 

Coaches die neigen naar de serieredder ondergraven de relatie met hun klanten als ze dit doen, want die relatie moet gebaseerd zijn op gelijkwaardigheid. Je bent gelijkwaardig en hebt enkel en alleen een andere rol in de relatie. Als je als coach ook maar iets merkt van ongelijkwaardigheid in de relatie, hetzij omdat jij boven de ander gaat staan of omdat de ander jou als redder gaat zien, trek dan aan de bel. En ja, ik weet dat er klanten zijn die jou onbewust in die rol zetten en soms zelfs die rol van je verlangen, maar trap daar nooit in.

Word geen seriehelper.

Help altijd met mate. Wees een constructieve helper. Wees geen deurmat of afvalemmer waarin anderen hun emotionele rugzak uit kunnen storten. Een constructieve redder kent z’n grenzen, zorgt uitstekend voor zichzelf, doet aan ‘radical selfcare first’ en denkt en handelt autonoom. Help altijd eerst jezelf voor je anderen helpt. daar is niks egoïstisch aan.

Een ander is nooit een oplossing voor je eigen drama’s. Sta stil bij je eigen intenties en wees daar bloedeerlijk over: waar ben je mee bezig? Waarom doe je wat je doet? Wat schuilt er onder jouw gedrag? Voel je een spoor van medelijden voor je klant? Dan is dat een alarmbel. Wil je je over iemand ontfermen? Let dan goed op. Loopt dat uit de hand? Zoek dan hulp. Wees alert op elk spoortje bij jezelf van reddingsdrang.

Zelfkennis is een voorwaarde voor iedereen die in een helpend beroep zit. 

Ken je neigingen. Je bent geen wonderwoman of superheld. Je kunt anderen niet redden. Niet je kinderen, niet je partner, niet je ouders, niet je vrienden. Ja, je kunt ze bijstaan als een gids en veel voor ze betekenen maar word nooit een Dexter die figuurlijk de ander vermoordt in zijn onschuld, vanuit een diep verlangen zichzelf te redden.

Zin in meer frisse verhalen met nadenkvragen over verlangen, kiezen, durven, doen? Zodat jij krachtige keuzes maakt en leeft en werkt op jouw voorwaarden? Meld je aan en ontvang voortaan mijn blogs, podcasts en video’s. Door je aan te melden geef je toestemming je gegevens te verwerken zoals beschreven in het privacy statement.

2 Reacties

  1. Lilian

    Jij noemt het Dexter. Ik noem het ‘het moeder Theresa syndroom’. Ik had er ook last van (zowel werk als privé) maar was me er niet van bewust. Bij mij eindigde het voortdurende helpen, klaarstaan en kooltjes voor anderen uit het vuur halen in een burnout. Als je steeds geeft maar je emmertje wordt niet bijgevuld is t opeens leeg! Dan ga je je langzaam beseffen dat je kostbaar water in een soort bodemloze put hebt gegooid en zie je na een tijdje in hoe belangrijk die radical selfcare is. (Ik blijf het een heerlijk woord vinden!)

  2. Andrea

    Hoi Nicole,
    ik ren gelijk naar de bib! moet het boek lezen, dank voor je inspiraties.
    heb er altijd veel aan… net een ander interessant boek over gelezen (tegenoverdracht) “liefde in wonderland”. Een aanrader !

Reageer